Evaluatie – Zeeland Sport 2 zaterdag

Een winterstop is er niet alleen om de velden te ontzien, maar ook om de eerste helft van het seizoen te evalueren. En wie kan je beter laten evalueren als iemand die alleen maar evalueert en nooit wat uitvoert. Precies, ik dus. In dit stuk kijk ik terug op de eerste helft met enkele trouwe volgers van dit team, maar ook enkele mensen die ons niet kennen en dus een neutraal zichtpunt hebben. Wat vinden zij van ons, van onze prestaties, van onze mentaliteit en boven al, wat vinden zij van de trainer!

Gedurende de informatiewerving voor dit stuk heb ik meerdere landen aangedaan, duizenden mensen gesproken en flink moeten selecteren tussen alle reacties. Iedereen bleek zijn mening willen geven en van al die reacties kwam ik tot het volgende resultaat. Ik neem u mee en samen beginnen wij bij…

Eric Burdon. Met dank aan vliegtickets.nl had ik de kans om voor een duit naar Engeland te vliegen. Hier sprak ik de voormalig leadzanger van The Animals. U weet wel, dat bandje van “House of the rising sun”. Urenlang spraken wij over voetbal, want u weet dat het voetbal in Engeland ontstaan is. Hierdoor had Eric van kleins af aan al naar voetbal gekeken en zo dus een welgevormde mening ontwikkeld. Van Zeeland Sport had hij nog nooit gehoord, maar toen ik de situatie uit legde wist hij precies hoe laat het was. En dan bedoelde hij niet tijd voor een Engels ontbijt! Nee, de hoek waar de klappen vallen .In Engeland natuurlijk voor de fans daar veel herkenbaarder, omdat er elk jaar 3 ploegen degraderen. Gaandeweg het gesprek begon hij verbondenheid te voelen met het team, waarna hij vroeg of er ook merchandise te bestellen was via internet. Ik zei dat er via Tom misschien wel wat te regelen viel, bijvoorbeeld een trainingspak met initialen erop. Hij zou er over na denken. Voordat ik dit fijne gesprek afsloot vroeg ik hem nog: “What do YOU (may I say that? Yes I may!)think about our 12th place in the league?” Waarop hij antwoordde met “We gotta get out of this place, if it’s the last thing we ever do!”.
Duidelijke taal dus, daar kunnen we wat mee. En als we dan toch in Engeland zijn, gaan we daar gelijk de opinie verder peilen.

En als je dan wordt gebeld door de meest invloedrijke en belangrijke Brit aller tijden, dan zeg je geen nee. Flink op leeftijd, dat moet gezegd worden. Vitale functies zijn mogelijk al een poos uitgeschakeld, maar het beroep moet uitgeoefend worden tot de dood. U kunt dus al raden bij wie ik een bakje thee met een wolkje melk ga drinken. De getuige van the Bigger Bang, the one and only Mick Jagger! Dus ik zeg “Mick, ouwe reus. Lang geleden dat je wat van je liet horen”. Hij bood gelijk zijn excuses aan voor zijn afwezigheid op ons kampioensfeest, maar gaf aan ons nog steeds via livestreams te volgen. Dat scheelt mij dus weer een hoop uitleg, want hij weet precies hoe de zaken ervoor staan. Ik vroeg hem dus eerst maar of hij nog plezier beleefde aan de wedstrijden van dit jaar die hij gezien had. Toen hij vertelde over de dieptepunten van de vele wedstrijden, sprongen bij mij de tranen in mijn ogen. Hij kalmeerde me door te zeggen “you’re a fool to cry”. Ik gaf aan dat hij gelijk had, maar dat het sommigen zo zwaar valt. Ik vertelde hem dat ik het niet begrijp dat de trainer er niet de brui aan heeft gegeven, wat moet er wel niet in zijn hoofd omgaan? Heb jij een idee mr. Jagger? Mick “wild horses, couldn’t drag me away”.
Ik: Ja, zoiets zal hij wel denken. Misschien had Mick het hier mis, want toen ik precies hetzelfde vroeg aan Willeke Alberti, zei zij: “Niemand laat zijn eigen kind alleen”.
Ik gaf Mick het voordeel van de twijfel, ik kon namelijk niet met zekerheid zeggen dat hij clean was op dat moment, dus besloot verder te gaan met dit gesprek. Tijd om over het teammoraal te praten. Want als er iemand bekend is met heibel in de groep, dan is Mick dat wel. Wat is er mis met het moraal, Mick. Wat is het probleem. Zoals te verwachten begint hij over engine problems. Ik zeg “engine problems”? Hij begint erover dat een team 1 geheel is. 1 machine met 1 ziel en uiteindelijk 1 doel voor ogen. Op dit moment is de machine wat aan het haperen. Alsof hij een winternacht heeft staan wachten en nu nodig is om naar het werk te gaan. Hij hapert en je rammelt wat aan de sleutels. Maar je weet wel dat als je hem start, hij nooit meer stopt!
Ik had het idee dat Mick hier meer voor zichzelf zat als voor ons, dus ik besloot mijn biscuit te laten liggen en de benen te nemen. Hij riep me nog na en in de deuropening keek ik even om. Hij vroeg: “Rik, wat vond jij eigenlijk van dat doelpunt van Teun tegen Zeelandia?”
“Als ik de verhalen moet geloven Mick, was het hot stuff”.
En daarmee verliet ik het pand. Toen ik de deur achter me dichttrok wist ik dat het weer even zou gaan duren voordat we elkaar weer zouden zien. Het leven van een topsporter valt niet altijd mee. Zo kan je persoonlijke leven er dus flink onder gaan lijden.

Terwijl ik tijdens het wandelen bedacht wie ik nog meer zou kunnen benaderen voor een ongezouten mening, liep ik Gareth Gates tegen het lijf. Hij had onlangs nog wat op de zeeland sport site gepost, dus ik besloot hem toch wat te vragen ondanks dat hij niet echt meer een hot item is.
“Gareth, is dit de keerzijde van al ons succes?”
“It could happen to anyone of us”.
“Bedankt Gareth, weer een steuntje in de rug. Houd je taai, gappie.”

Ik had inmiddels wel zin in een pint, dus keek ik even in mijn telefoon. De gene met de grootste bierbuik, dat moet wel lukken. Het was inmiddels 11.30 dus het werd ook wel de hoogste tijd. Het adres was even zoeken, maar toen ik haar had gevonden was de oude vriendschapsband direct weer aanwezig. Ze duwde snel nog even de laatste twee muffins in haar strot, voordat ze me kwam omhelzen. Waar ik al die tijd gebleven was? Want denk je mop, thuis voor de buis natuurlijk.
Of ik niet even had kunnen bellen in al die jaren? Nee mop, bellen naar het buitenland is zo duur.
Of ik geen briefje had neer kunnen leggen toen ik die zondagmorgen zonder groet haar huis uit sloop? Sorry mop, toen kon jij nog niet lezen.
Gelukkig is Adele wel iemand die snel vergeeft. Altijd met haar vader naar de voetbal geweest, lekker wezen zuipen in de kroegen en maar ouwehoeren over haar club. Ze had trouw alle wedstrijdverslagen van ons gelezen en was verrast dat er nu, na al het succes, ineens degradatieproblemen waren. Ik legde haar uit dat het op dit moment gewoon nog niet liep.
“Maar Adje, wat denk jij van de tweede seizoenshelft?”
“it’s time for Turning Tables.”
“Denk je dat er nog winterse versterkingen komen?”
“Rumour has it.”
“Maar wat voor speler moet er dan komen?”
“Someone like you.”
“Ik ga mijn best doen de juiste man te vinden en je gaat er van horen. Bedankt voor je tijd.”
“I’ll be waiting.”

Vrouwen, soms kunnen ze zo helder en behulpzaam zijn! Tijd voor wat mannelijke inbreng. Want nog zo’n zwijmelend type kan ik niet aan. Tijd om contact op te nemen met de man die nooit klaar kwam van het masturberen. Ja zeker, Eric “Slowhand” Clapton. Toevallig had deze bezem ook nog even de tijd om zijn licht te laten schijnen. Hij is tenslotte aandeelhouder van onze club. Eens kijken wat we van deze man kunnen leren. Het gesprek is nog geen minuut bezig als hij al uit zijn slof schiet. Ik vraag hem enkel wat hij van de laatste plaats vindt, waar wij op bivakkeren. Begint hij gelijk te schreeuwen: “I can’t stand in!”
Oké rustig, Eric. Ben ik aan het schreeuwen? Nee. Wil je dat? Nee. Ga zitten en praat verder als een volwassen vent.
“Luister Eric, ik zit een beetje in een vormdip.”
“Let it grow.”
“Eric, als alles zo makkelijk was als dat jij zegt, stonden we nu al bovenaan. Vertel mij liever, waar gaat het mis?”
“After midnight.”
“Misschien met jouw drankprobleem, mijn spelers gaan op tijd naar bed!”
“Hey hey, before you accuse me… Take a look at yourself!”
“Ik weet het Eric. Maar ik voel me soms zo onbegrepen in dit team. Alsof ik een andere taal spreek. Alsof ze mij niet zien staan. Als een…”
“Lonely stranger?”
“Precies Eric! Precies. Wat kan jij dingen toch fijn verwoorden.”
Ik bedank hem voor zijn tijd, leer hem nog wat akkoorden en verlaat ook dit pand. Je komt nog eens ergens gedurende een onderzoek. Ik besluit op de boot te stappen richting Ierland. In mijn kajuit doe ik een tukje. Maar ook hier blijven er vragen boven komen. Hoe moeten wij bijvoorbeeld de tweede seizoenshelft punten gaan pakken? Dan verschijnt, als een waar visioen, Kurt Cobain. Het enige wat hij zegt is “It’s so easy.” Ja jij hebt makkelijk praten op je wolkje. Ik besluit aan kroketrestjes in een frituurmandje te denken, om hem uit mijn droom te verjagen. En dit blijkt nog te lukken ook. Zijn we van hem ook weer mooi af.

Voor we goed en wel weg zijn van de kust van Engeland, strandt het schip op een zandbank. Een gigantische. Zo groot dat er kamelen op lopen. Ik besluit de boot te verlaten en vang heel toevallig een paard zonder naam. Ik besluit er een stukje op te rijden, waarna ik bij een oase besluit te stoppen. En wie ligt daar, met zijn mond wijd open in het zand. Het is Noel Gallagher. Ik vraag hem waar hij mee bezig is, maar door al dat zand in zijn waffel kan hij amper praten.
Ik zeg tegen Noel, “Noel, dikkop. Luister even. Ik weet dat je graag naar City kijkt, maar ik wil je wat vragen over mijn club. Zal ik je vertellen wat de stand van zaken is?”
“Maybe, I don’t really wanna know”.
“Nou dan blijf jij toch lekker zitten met je schepje en je emmertje.”
Ik wil terug op mijn paard klimmen, maar ik zie dat de woestijn ineens is veranderd in een zee. Ik besluit mijn paard maar vrij te laten. Gelukkig heb ik zwemles gehad van Kromowijojo en ben ik met drie vlinderslagen alsnog op mijn bestemming.

Ik zie een gebouw staan met de letters IRA, hetgeen denk ik hetzelfde is als ons VVV. Ik besluit daar maar even de weg te vragen. Vriendelijke mannen, die gezien hun mutsen een sneeuwstorm verwachten, wijzen me de weg en zetten me zelfs buiten neer. Scheelt me toch weer een stukje lopen. Op naar U2. Die mannen schijnen overal verstand van te hebben. Eenmaal aangekomen blijkt dat deze mannen enkele wedstrijden van ons bezocht hebben. Ik besluit iedereen behalve Bono weg te sturen, want laten we eerlijk zijn. De enige die ons van het stel interesseert is toch de frontman. Gelukkig denkt Bono hier precies hetzelfde over. Tijd om wat vragen op hem los te laten.
“Wat denk je Bono, wordt 2015 wel het jaar van het zaterdagteam?”
“Nothing changes on newyearsday.”
“Pessimist. Er zit een stijgende lijn in, als je dat maar weet. De trainer sleutelt al weken aan de opstelling.”
“But everytime he thinks: I still haven’t found, what i’m looking for.”
“Dat zeg je nu, maar wat denkt de trainer op 16 mei?”
“It’s a beautiful day? Except the fact we move 1 division down.”
“Wordt het dan nooit beter?”
“In a little while.”
“Als je het zo somber in ziet, overweeg ik te stoppen. Misschien blijven ze er dan wel in.”
“Going down. With or without you.”
“Stel dat we degraderen. God weet waar we dan volgend jaar allemaal moeten spelen.”
“Where the streets have no name.”
“Precies, Hoedekenskerke en andere gehuchten. Ik ga de komende periode in ieder geval alles geven wat ik in me heb. Hoor je dat Bono? Ik ga er helemaal voor!”
“Sometimes, you can’t make it on your own.”
“Ik ben dat pessimistische gedoe van je nu wel weer zat. Ga jij even lekker je album gratis aanbieden op itunes, omdat je bang bent dat anders niemand het hoort. De groeten!”

Wat een land. Ik wil hier geen minuut langer blijven. Op naar het vliegveld. Gelukkig gaat er hier elk kwartier een vlucht naar een willekeurig land, zodat je zo snel mogelijk hier weg kan. Ik koop bij het casino locket een kaartje en ga naar de gate. Benieuwd waar dit ticket mij heen gaat brengen. Dit spannende idee moeten ze in Nederland ook eens invoeren. Gewoon willekeurig kaartje, stap je uit in Groenland met je koffer vol zwembroeken. Heerlijk. Inmiddels zit ik al in het vliegtuig. Kijk ik naast me, zie ik daar die dikke hasses van van dik hout. Martin Buitenhuis, wat een rotnaam. Roept je vrouw naar je: Waar ben je, buitenhuis? Roep je terug: Ik ben binnen, ben je scheel? Gelijk een hoop gedonder in je huwelijk. Gelukkig was ik niet van plan deze man aan te spreken, dus ik voorzie weinig gedonder gedurende de vlucht. Toch haalt hij het in zijn hoofd om na de warme maaltijd even aan mijn mouw te trekken. Ik geef hem een blik, die je normaal alleen aan de trainer geeft als hij je belachelijk maakt. Dit is blijkbaar niet afdoende.
“Luister ééndagsvlieg, je hebt de kans om 1 minuut te praten. En als je vervelend gaat doen, is je tijd eerder verstreken. Capiche?”
“Ik volg al jaren jullie team. Ik knip stukjes uit de faam, stukjes uit de voetbalkrant, hoop steeds dat er iets in de VI over jullie staat. En daarom doet het mij zo veel pijn dat het nu zo slecht gaat. Je weet niet hoe ik me nu voel van binnen.”
“Leeg?”
“Het is zo stiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiil in mijhij.”
“Als je nu al begint met dat zinnetje waar je al zoveel jaar op teert, kap ik dit gelijk af. Dat je mag stikken in je taaie broodje straks. Mochten we in zee landen, prik ik eerst jouw reddingsvest lek. En laat me nu met rust!”
“Haha, hoe verzin je het. In zee land. Snap je hem, jullie zijn zeeland sport. Je bent echt uniek.”

En dan kan een vlucht lang duren, lieve lezers. Eindelijk maakten we een wat woeste landing. En voordat we stil stonden, gleed ik via de opblaasbare glijbaan het vliegtuig al uit. Ik had het geen minuut langer vol gehouden, naast die bal gehakt. Dat begrijpt u vast wel.
Als ik om me heen kijk, zie ik dat ik in een soort wandelgebied ben. Hier is aan de toerist gedacht. Want op het eerste beste bordje staat route 66. Nou als we die volgen, komen we vanzelf bij het uitkijkpunt denk ik. Gelukkig ben ik de afgelope periode vaak gaan trainen, dus moet ik wel een stukje kunnen lopen. Daar gaan we dan, op naar voor mij nog onbekende volk!

De eerste die ik spreek is iemand die een panini in de breedte in zijn mond kan steken. Jawel, de frontman van Aerosmith. Steven landt zijn helikopter midden op de weg en biedt mij een lift aan. Deze sla ik natuurlijk niet af. Hij vertelt mij dat ik nu in Amerika verkeer. Het land van de mogelijkheden. Misschien dat we hier de tweede seizoenshelft kunnen afwerken, dan zijn er zelfs voor ons mogelijkheden.
Hij begint als echte Amerikaan gelijk over de oorlog te praten. Ik vertel hem kort dat me dat geen moer kan schelen. Voetbal, dat is oorlog! En laten wij nou een vechtmachine in huis hebben. Hij is dan niet altijd baas over zijn gevoelens, maar hij heeft een goed hard.
“Sweet emotions.”
“Jij begrijpt het, Steven. Maar denk je dat deze jongen rustiger wordt na een castratie?”
“Dream on!”
“Haha jij bent mij er eentje zeg! Bedant voor de lift, vanaf hier moet het me wel lukken.”
Ik stap uit de niet geheel comfortabele helikopter en vervolg mijn weg. De weg naar glorie. De weg naar hoop. Er moeten hier nog meer mensen zijn die ons team een warm hart toe dragen.

En jawel. Als er een pickup truck luid naar mij aan het toeteren is, besluit ik er even naartoe te gaan. Het is niemand minder dan The Boss.
“Bruce, ouwe rukker. Jij hebt vast wel zin om te babbelen over het mooiste spelletje wat er is.”
Ik stap in en we rijden in noordelijke richting. Ons gesprek gaat alle kanten op en lijkt jaren te duren. We bespreken de trainer, maar ook spelers komen aan bod. Ik vertel hem over Bert, die de laatste wedstrijden bij bijna elk doelpunt betrokken was. Wat zou hij denken als hij in de spiegel kijkt?
“I’m on fire.”
“Zeg Bruce, als jij zo van de inkoppertjes bent, kun je wel bij ons komen voetballen. Maar wat vind je dan van Joey?”
“Born to run.”
“Haha, dat klopt. Maar wel met een vlag in zijn hand. Herinner je je dat nog?”
“These were better days!”
“En die trainingsdagen waarop Friso zo vaak gepoort werd?”
“Glorydays!”
“Jeetje Bruce, kijk uit. Daar is de grens. Zet mij er hier maar uit. Ik ga daar nog wat mensen opzoeken. Groetjes aan die ginger van je.”

En daar sta je dan. Op de grens tussen Canada en Amerika. Het glorieuze moment waar ik zo lang naar heb uitgekeken. Vol goede moed begin ik te rennen. Op naar mijn idolen. Zes uur later blijken Terence & Phillip niet thuis te wezen. Dan gaan we maar een bakje doen bij de Bachman Turner Overdrive. Ik vertel deze mafkezen dat het eerste deel lastig was. We speelden tegen veel fysieke ploegen. Mensen die schoppen naar alles wat beweegt. Maar ook over de scheidsrechters waar je je soms over blijft verbazen. Over de grote nederlagen. Over de winstpartijen die we uit handen hebben gegeven. Over alles dat tegenzit. Ik vertel hem dat we in een half jaar tijd, nu echt alles hebben meegemaakt. Het eerste en enige wat er bij hun uit komt is: “You ain’t seen nothing yet.”
Nou, voordat ze mij nog verder in een depressie praten besluit ik maar niet door te vragen. Aangezien ze meer niet uit die uitgeknepe zieltjes kunnen krijgen, besluit ik ze maar te laten doen. Er zullen vast wel verstandige Canadezen wezen. Tenslotte zijn er veel Nederlanders naartoe verhuisd, waardoor ze ontwikkelingsland af zijn. Wat je al niet kan bereiken met ons Nederlanders.

Na een tussenstop bij een locale brouwerij, sta ik op de stoep bij niemand minder dan Bryan Adams. Nadat hij vijf vrouwen uit zijn slaapkamer heeft verwijderd, kunnen we eindelijk rustig praten. Bryan blijkt totaal niet van voetbal te houden. Vrouwen daarentegen. Ik leg hem kort het spelletje uit, en probeer de situatie naar vrouwen te vertalen. Als alles hem een beetje duidelijk begint te worden vraagt hij mij waarom ik de boel niet gewoon de boel laat. Dit inkoppertje kan ik niet laten lopen, dus antwoord ik met:
“Can’t stop this thing we started. Maar ik kan ze niet alleen laten. Weet je soms niet hoe dat voelt?”
“It cuts like a knife.”
“Ze zijn niet altijd blij met mijn coaching. Maar ik bedoel het helemaal niet slecht. Als ik iets zeg, dan komt het…”
“Straight from the heart?”
“Precies. Maar wat moet ik zeggen als ze er boos om worden?”
“Please forgive me?”
“Ja dat zou kunnen. Maar soms heb ik de bal. En in plaats van dat ze dan vrij lopen, doen ze wat anders. Mag jij raden wat!”
“Run to you?”
“Jij begint het te snappen Bryan. Nog een laatste vraag dan. Blijven we er dit jaar in of gaan we degraderen?”
“Do I have to say the words…?”
“Laat maar doen, ik weet genoeg.”

En zo mijn lieve lezers, is mij nog steeds onduidelijk hoe dit gaat aflopen. Het enige dat ik weet is dat er niet geluld maar gevoetbald moet worden. Knokken voor de punten, alles geven. Ik ga er alles aan doen. Ik hoop jullie ook. En als je twijfelt, leg het even voor aan Maurice de Hond. Want ik weet nu al wat hij gaat zeggen.

Ik zeg doen!

2 Comments

  1. Ik had wel een reactie verwacht van het orakel uit die canadese locale brouwerij, immers hij leverde daadwerkelijk een persoonlijke en fysieke bijdrage aan de malaise als linksback. Maar hij zal zich wel verschuilen achter het Lowland Trio verwijzend naar: http://www.youtube.com/watch?v=kbgWk5Nl4hw

  2. Back in action!

    Goed bezig geweest tijdens het oliebollen toernooi